Doorgaan naar hoofdcontent

Interview met Ivo Opstelten en Onno Hoes

Ivo Opstelten en Onno Hoes strijden om het voorzitterschap van de VVDIn de strijd om het voorzitterschap van de VVD deden dinsdagavond 19 februari jl. de twee kandidaten, Ivo Opstelten en Onno Hoes in het Politiek Café Leiden hun uiterste best de gunst van de verzamelde VVD-leden te winnen. Voor een gemêleerd ledenpubliek lichtten de beide heren toe, hoe zij invulling zouden geven aan het voorzitterschap van de liberalen. Partijdemocratie aan het werk dus. Voordat het politiek café losbarstte, stelden wij Ivo Opstelten, burgemeester van Rotterdam en al 42 jaar VVD lid, enkele vragen en na afloop spraken wij met zijn concurrent uit Brabant, Onno Hoes. Wat gaat u de VVD bieden als Voorzitter. Kunnen we extreme veranderingen verwachten ten opzichte van uw voorganger, de heer van Zanen?Ivo Opstelten: “Wat de partij nu nodig heeft is bindend leiderschap, ook van de voorzitter. Er moet nu weer eenheid komen De partij heeft natuurlijk, zoals Hans Wiegel zegt, z’n vlerken. Dat hoort bij een sterke liberale partij.” Onno Hoes: Regie rond verkiezing van de lijsttrekker zou ik anders willen. Dat is natuurlijk ook niet zo moeilijk, dat wil iedereen nu. Maar er moeten heldere spelregels komen en iedereen moet zich er ook aan gaan houden. Tweede punt is dat je niet alleen zegt dat je een debatpartij bent, maar dat ook echt doet. Niet teveel van de top af, maar vooral in de regio met de leden gaan praten. Het gaat nu niet om het intellectuele debat binnen de partij, dat kunnen we wel voeren. Waar het vooral om gaat, is dat we de geluiden van de leden vangen en ons daardoor laten voeden. Wat onderscheidt u van de andere kandidaat?Ivo Opstelten: “Ik ben een ervaren bestuurder met een sterk politiek profiel. Onno Hoes is een politicus met bestuurlijke ervaring, Zo zou je het in a nutshell kunnen samenvatten. Ik ken alle hoeken en gaten van de partij en ben zeer actief geweest velerlei commissies. Ik denk dat ik een goede verbinding kan leggen tussen jong als oud, tussen de politieke leiding en de basis van de partij. In Rotterdam kent men mij ook als een man die de wijk in gaat. Wat dat betreft ben ik een man van de straat. Ik ben ook de vrijwilliger onder de vrijwilligers. Ik zou me niet kandidaat hebben gesteld, als het voorzitterschap een betaalde baan geworden zou zijn, zoals de Commissie-Dekker aanvankelijk voorstelde. Ik wil onafhankelijk en volkomen vrij kunnen werken. Verder heb ik er zin in en ben ik topfit.” Onno Hoes: Ik ben energiek en dynamisch in mijn werk en zoek altijd contact met de mensen waar het om gaat. Daarin durf ik me kwetsbaar opstellen, wat denk ik een goede eigenschap is voor een voorzitter. Ik ben in staat meer vitaliteit in de partij te brengen en bruggen te bouwen. Daarbij denk ik dat ik in staat ben om de verschillende groeperingen binnen de VVD te verenigen. De mensen die nu achter Rita Verdonk aangaan, of zouden willen gaan, wil ik binnen de partij houden.. Kan dat wel in de rol van voorzitter? Onno Hoes: Ik merk dat daar nu wel een discussie over is. Zoek je een manager of zoek je iemand die echt voorzitter en een boegbeeld van een politieke organisatie wil zijn? Dat laatste is duidelijk waar ik voor ga. We moeten nu niet iemand hebben die op de winkel past, we moeten nu echt iemand hebben die de tent mee vooruit trekt. Mark Rutte en consorten moeten dat in de kamer doen, daar is geen discussie over. De nieuwe voorzitter en het nieuwe bestuur moeten ervoor zorgen dat er weer flink vuur in de partij komt. Maar de VVD is wel een politieke organisatie – het beeld van het bestuur als een soort Raad van Commissarissen is mij dus te afstandelijk. Je bent wel politiek met elkaar aan het bedrijven. Maar ik moet als voorzitter geen politiek standpunt innemen, dat is het laatste wat ik moet doen. Als u voorzitter wordt, wilt u dan met de bestaande, demissionaire bestuursleden verder of vindt u dat er een geheel nieuw bestuur zou moeten worden gekozen?Ivo Opstelten: “First things First, Je moet het eerst zijn, maar het is het voorrecht van de gekozen voorzitter om zijn eigen team samen te stellen. Van belang bij de samenstelling van het hoofdbestuur zijn continuïteit, kwaliteit en regionale herkenbaarheid en mix van jong en oud. De verschillende geledingen in de partij moeten zich herkennen in het team. Je kan wel voorzitter zijn, maar ik ben een teamspeler en heb een goed team nodig.” Onno Hoes: Een deel heeft zelf aangegeven niet door te willen, verder zou ik kritische gesprekken moeten voeren. Ik heb zelf nog geen analyse van gemaakt van wie ik goed of slecht zou vinden en ik vind, dat ik daar ook bescheiden in moet zijn. Het is al heel wat, dat je nu een nieuwe voorzitter kiest. De rest van het hoofdbestuur moet het profiel van de nieuwe voorzitter in zekere zin ook weer compenseren. Het moet een goede afspiegeling van de hele vereniging zijn met alle leeftijden, mannen, vrouwen, regio’s en etnische achtergronden. En mensen die misschien niet voor mij gestemd hebben, moeten zich straks toch herkennen in het hoofdbestuur en niet teleurgesteld weglopen. Verder moet ook niet de nummer-2 de vicevoorzitter worden. Dan zouden we dezelfde fout maken als bij Mark en Rita. Hoe staat u tegenover een verplichte afdracht door bestuurders van een deel van hun salaris aan de partij ?Ivo Opstelten: “Daar ben ik absoluut op tegen. Het is strijdig met de liberale beginselen. In een liberale partij doe je dat op basis van vrijwilligheid.” Onno Hoes: Ik heb me kandidaat gesteld voordat de procedure gestart was, maar ik wilde helder maken dat ook vrijwilligers goede mensen kunnen zijn. Daar rekende ik ook mezelf toe (brede glimlach. red) In een vrijwilligersorganisatie moet je ook een vrijwilliger aan de top hebben. Ook ik moet schuiven in mijn agenda en ’s avonds naar dit soort bijeenkomsten komen na mijn werk. Met betrekking tot de afdrachten van VVD-politici aan de partijkas, ben ik van mening dat wanneer iemand bereid is een bestuursfunctie op zich te nemen, je die niet meteen moet “plukken”. We moeten extern op zoek naar fondsen. We moeten veel nieuwe leden zoeken, eventueel met lagere contributiebedragen – die werken voor jongeren. Ook zul je naar je kostenstructuur moeten gaan kijken. Maar dat kan alleen maar als de nieuwe leden zich herkennen in de partij. Iedere keer als zij iets zien op televisie, internet of in de krant, dan moeten ze denken: da’s mijn club.” In hoeverre gaat u bij een volgende verkiezing van de lijsttrekker voorkomen dat er weer een vergelijkbaar debacle ontstaat als de vorige keer?Ivo Opstelten: “Wat ik al zei, er is bindend leiderschap nodig, ook op de positie van de voorzitter. We moeten uitgaan van onze eigen kracht en onze tijd gebruiken om tot de kern terug te keren. Die gelegenheid hebben we nu als oppositiepartij. Daarom is het ook goed dat de beginselverklaring herschreven wordt. We moeten scherp positie bepalen in de actuele thema’s: veiligheid, integratie en immigratie, economie, inclusief bereikbaarheid en lastenproblematiek en natuurlijk het klimaat. Als bestuur moeten we de politieke leiding de kansen bieden en ook uitdagen om zich scherp te profileren.” In hoeverre gaat het nieuwe bestuur bijdragen aan de permanente campagne organisatie?Ivo Opstelten: “Dat is aan het nieuwe bestuur. We moeten de politieke leiding niet voor de voeten lopen, dat zou een basisfout zijn. We moeten ze wel scherp houden. Een van mijn doelen is het direct installeren van de permanente campagneorganisatie. We moeten niet pas als de verkiezingen er bijna zijn, campagne gaan voeren. We moeten nu los! Campagne voeren kost natuurlijk ook geld en ik zal mijn hele netwerk inzetten om fondsen te werven.” Onno Hoes: Ik ben er al mee begonnen. Ik denk dat je als VVD- er gewoon heel veel in de publiciteit moet zijn. Een ieder moet daar op zijn eigen manier het spel in meespelen. Het is helder dat Mark Rutte dat op het politieke vlak doet. Maar lokaal kan iedereen de partij meehelpen profileren. Je kan je ook nog voorstellen dat lokale afdelingen bezoeken gaan organiseren, waarbij ze samen met het hoofdbestuur gaan kijken en naar mensen luisteren in hun regio. Zo kan je de VVD midden in de samenleving plaatsen – en daar horen we thuis. Hoe denkt u als voorzitter meer nieuwe leden binnen te gaan halen?Onno Hoes: De massamedia zijn heel erg belangrijk. Maar we moeten ook met nieuwe manieren de mensen zien te bereiken in hun eigen belevingswereld. Bijvoorbeeld in het onderwijs, bij startersdagen van de Kamer van Koophandel, wanneer mensen een bedrijf beginnen. Ik denk dat je de mensen aan je kunt binden als je een goed duo hebt van een politieke leider en een partijleider. Zoals Hans Wiegel en Haya van Someren de VVD groot hebben gemaakt in de jaren 70, zo moet dat nu ook kunnen. Het is eigenlijk heel makkelijk. Hoe denkt u dat de VVD er over vijf jaar voor zal staan?Onno Hoes: Dat is een moeilijke vraag. Wij stellen natuurlijk geen kinderachtige vragen. Onno Hoes: Dat is mij inmiddels wel helder geworden. Als ik voorzitter word, zal de VVD er bloeiend voor staan over vijf jaar. Je doet dat altijd samen met anderen, maar ik ben wel in staat veel energie los te maken, de nodige financiële bronnen aan te boren en om goede talenten op te sporen. Het is moeilijk om mensen zo ver te krijgen, dat ze hun tijd en energie steken in de partij. Wat we nodig hebben zijn mensen die voorbeelden zijn, zoals Richard Krajicek in de sport. Wij moeten als VVD weer meer iconen hebben, zodat mensen het idee hebben: daar wil ik bijhoren. Wanneer je daarin slaagt, kun je gemakkelijk permanent campagne voeren en dan ben ik ervan overtuigd, dat we als een bloeiende partij onze 65e verjaardag gaan vieren. Ivo Opstelten: Ik ben ervan overtuigd dat de VVD er sterk voor zal staan. Het huidige kabinet doet het slecht, ook in de peilingen. Daardoor is er ruimte voor een brede liberale volkspartij. Ik ben er dan ook van overtuigd dat de VVD sterk in de Kamer en in het land zal terugkeren en één van de leidende partijen zal zijn. En dat is ook de doelstelling waar ik voor sta.” “Bewegingen” met grote populariteit zoals die van Wilders of Verdonk hebben geen “last” van leden en kunnen gemakkelijk inspelen op ieder gevoel in de samenleving. Hoe ziet u de rol van de voorzitter bij het aangaan van strijd met deze bewegingen?Onno Hoes: Als mensen naar D66 neigen, dan gaat dat nog, maar als ze naar Wilders en Verdonk gaan, kunnen we ons dat niet permitteren. Maar we gaan in ieder geval uit van eigen kracht. Die bewegingen hebben geen partijapparaat achter zich, en dat heb je wel nodig om tot in de haarvaten van de maatschappij te komen. Waar wij wel beter in moeten worden, is de heldere taal van de werkvloer. We moeten natuurlijk geen napraters worden, maar wel communiceren op de manier die de mensen op straat aanspreekt. Aan ons verkiezingsprogramma ligt het niet, dus wanneer we ons eigen verhaal beter kunnen verkopen, dan drogen de bewegingen vanzelf op. De fractie is nu weer op orde, als de partijorganisatie ook weer op orde is, gaan we een bloeiende periode tegemoet. Ivo Opstelten: Als voorzitter moet je ook een boegbeeld van de partij zijn en achter Mark Rutte en team staan. Je moet het sterke merk VVD aan de man brengen. Daarbij moet de voorzitter niet de fractie voor de voeten lopen, maar wel zorgen dat signalen uit de partij doorkomen bij de fractie. En dan bedoel ik signalen uit het hele land. Er moet eenheid in de partij komen. Wat de kiezer het ergste vindt, is gedonder in de partij. Dat gedonder moet afgelopen zijn. Hoe denkt u de verschillende vleugels samen te brengen? Hoe gaat u de partijbaronnen verenigen met mensen die een heel andere kant op willen?Onno Hoes: De grootste invloed zit nu bij een klein groepje in Den Haag en dat vind ik heel zorgelijk. Ook de partijbaronnen hebben helemaal niet meer díe invloed die ze vroeger hadden. Het democratiseringsproces in de partij is zodanig ontspoord, dat eigenlijk niemand meer iets te zeggen heeft. En dat vind ik slecht. Als individueel lid weet je niet meer hoe je via de organisatie je geluid naar de partijtop kan krijgen. Je moet maar afwachten tot er iets georganiseerd wordt, waar je gehoord kan worden, dus dat is te ver doorgeschoten. We moeten weer een partij van vlees en bloed worden, dan wordt het ook weer leuk. Mark Rutte wil de beginselen herschrijven, U vindt dat niet nodig. Botst dat niet?Onno Hoes: Nu wel, en mijn advies aan Mark Rutte zou dan ook zijn: “wacht even met schrijven tot je weet wie de nieuwe voorzitter is. Bij Ivo kun je doorschrijven. Je weet dat ík er moeite mee heb”. Ten tweede komt er een nieuw hoofdbestuur. Die moet dat ook bespreken, maar uiteindelijk zijn het de leden die daarin het laatste woord hebben. Als ik gekozen word als voorzitter van de leden, ben ik als was in hun handen en heb ik te doen wat zij willen. Auteur: Hein de Boorder De extra-geinteresseerde lezers kunnen de opnames van de interviews ook hier zien op Video. De compilatie van de interviews duurt 22 minuten.