Doorgaan naar hoofdcontent

Leve de kleine gemeente

[caption id="" align="alignright" width="300" caption="Kleine gemeenten: vaak een groot oppervlak, maar een klein bestuur"]Kleine gemeenten: groot oppervlak, klein bestuur[/caption] In Wassenaar gebeurt altijd van alles. Zoals onlangs over de bouwplannen op landgoed De Horsten, waar de twee slooprijpe boerderijen mogelijk alsnog worden aangemerkt als monument en dat de sloop, die prins Willem-Alexander wil, misschien niet kan doorgaan… Wassenaar is een kleine gemeente met 26.000 inwoners. Wel een ervaren burgemeester en een gemeenteraad op een redelijk hoog niveau – we hebben hier een extreem hoog opleidingsniveau. Maar het ambtelijk apparaat is klein, en wordt matig betaald. Want net als in bijna alle gemeenten, wordt de burgemeester op het aan de gemeentegroote gerelateerde niveau x betaald, de wethouders op x-1, de gemeentesecretaris op x-2, de diensthoofden op x-3 enzovoorts. Zodat de beleidsmedewerker van een kleine gemeente veelal een zeer bescheiden salarisniveau heeft. HulpconstructiesDe kleine schaal van een dorp als Wassenaar spreekt me aan. Ik ben dan ook niet zo'n groot voorvechter van gemeentelijke fusies, hoewel ik mij realiseer dat gemeenten < 40.000 inwoners kwetsbaar zijn en vaak hulpconstructies, zoals samenwerking en externe inhuur, nodig hebben om overeind te blijven. Soms gaat het mis bij zo'n kleine gemeente. Maar bij grote gemeenten gaan er ook wel eens dingen mis, en dan vaak ook meteen grote dingen. Voorbeeld: de bouw van de Haagse tramtunnel, waarbij de kosten opliepen van €139 miljoen tot €234 miljoen en deze 4 jaar te laat werd opgeleverd. Intussen kost een fusieproces veel geld en energie. En efficiencywinst is vaak pas op lange termijn te realiseren. Tegen gemeentelijke herindeling van onderop, als men zelf wil en kansen ziet bij een formele fusie, is er meestal geen bezwaar. Maar zolang dat niet het geval is, moet men de kleine schaal maar koesteren.